Knieoperatie (nieuwe knie)

  • Specialisme of afdeling Orthopedie
  • Openingstijden
    Maandag t/m vrijdag van 8.30 tot 16.30 uur
  • Wachttijd
    14 weken

In het kort

Als u een versleten knie hebt, is een nieuwe knie soms de enige oplossing. Vanwege een knieoperatie blijft u ongeveer drie dagen opgenomen. Het duurt even voordat u alles weer kunt. De eerste zes weken moet u op twee krukken lopen, daarna nog zes weken met één kruk. Meestal kunt u na zes weken weer autorijden. Na acht tot twaalf weken kunt u weer beginnen met fietsen.

Wat is het?

Gewrichtsslijtage

Gewrichts­slijtage (artrose) komt voor in alle gewrichten, dus ook in het kniegewricht. Door slijtage wordt het kraakbeen van het gewricht aangetast, soms zodanig dat het kraakbeen helemaal verdwijnt. Het gevolg is dat de twee delen van het kniegewricht niet meer soepel langs elkaar heen glijden, zodat bewegen steeds moeilijker en pijnlijker wordt.

Door een versleten knie kunt u allerlei klachten krijgen: pijn bij het (trap)lopen, pijn als u lang staat, stijfheid bij het opstaan, pijn 's nachts, meer klachten bij vochtig of koud weer. Uiteindelijk kan uw knie verstijven, waardoor u uw knie niet meer kunt strekken. Ook kunt u een X-been of O-been ontwikkelen, waarbij de knie steeds vermoeider en instabieler aanvoelt.

Een operatie?

Om minder last te hebben van uw knie kunt u pijnstillers innemen. Ook fysiotherapie kan zinvol zijn. U krijgt dan oefe­ningen om de pijn te verlichten en uw heupgewricht zo beweeglijk mogelijk te houden. Als u te zwaar bent, kan het ook helpen om af te vallen. Verder kan het verschil maken wanneer u bij het lopen een stok gebruikt aan de kant van uw 'goede' knie. Als pijnstillers en fysio­therapie onvoldoende helpen, is een operatie vaak de enige oplossing.

Preoperatief spreekuur

Enige tijd voor de operatie krijgt u een oproep voor het pre­operatieve spreek­uur. Een anesthesioloog en een anesthesie­medewerker bekijken dan aan de hand van een vragenlijst en een beperkt lichamelijk onderzoek (onder andere van uw hart en longen) hoe het met uw con­ditie is gesteld. Als u ouder bent dan zestig, wordt er bovendien een hart­filmpje gemaakt en vindt er bloedonderzoek plaats. Als er geen afwijkingen zijn, kan de operatie doorgaan.  

Voorbereiding

Voorlichtingsbijeenkomst

Ongeveer drie weken voor de knieoperatie is er voorlichtings­bijeenkomst over de gang van zaken rond de operatie. U krijgt dan informatie van een verpleegkundige van de afdeling orthopedie, een transferverpleegkundige, een fysiotherapeut en een anesthesiemedewerker. Om zo goed mogelijk voorbereid te zijn op de operatie, is het belangrijk dat u bij deze bijeenkomst aanwezig bent. Zo mogelijk krijgt u enige tijd van tevoren een uitnodiging toegestuurd.

Krukken lenen

Na de operatie moet u een aantal weken met krukken lopen. Deze kunt u lenen bij een van de Thuisleenpunten van Icare/Medipoint. U wordt verzocht de kruk­ken mee te nemen naar de voorlichtingsbijeenkomst. Een fysiotherapeut neemt dan de oefeningen met u door die u als ‘huiswerk’ meekrijgt. Vergeet niet om op de opnamedag uw krukken mee te nemen naar het ziekenhuis!

Aanpassingen in huis

Na de operatie is het prettig om thuis een hoge rechte stoel met leuningen te hebben. Een toiletverhoger kan ook han­dig zijn, net als handgrepen in de douche en toiletruimte Deze en andere hulpmiddelen zijn te verkrijgen bij thuiszorgwinkels of uitleenpunten van thuiszorgorganisaties. Het is verstandig om dit voor uw opname te regelen

Medicijngebruik

Tijdens het preoperatieve spreekuur worden er afspraken met u gemaakt over uw medicijngebruik rondom de operatie. Het is mogelijk dat u tijdelijk moet stoppen met bepaalde medicijnen, zoals bloedverdunnende medicijnen en medicijnen vanwege diabetes. Informatie hierover vindt u ook in de oproepbrief die ongeveer een week voor de operatie wordt toegestuurd door de afdeling Opname.

De operatie

Nuchter

Op de opnamedag moet u nuchter naar het ziekenhuis komen. Wat dit precies inhoudt, hoort u tijdens het preoperatieve spreekuur.

Voorbereidingen in het ziekenhuis

Op de verpleegafdeling neemt een verpleegkundige uw gegevens met u door. Als u vragen hebt, is er alle ruimte om die te stellen. Ook maakt de verpleegkundige u wegwijs op de afdeling. Voor de operatie krijgt u speciale operatiekleding aan. Met een viltstift wordt u verzocht een pijl te zetten naar de knie die geopereerd moet worden. Ongeveer een uur voor de operatie krijgt u een pijnstiller en eventueel een tabletje waar u slaperig van wordt (als u dat met de anesthesioloog hebt afgesproken). Om een infectie te voorkomen, krijgt u een anti­bioticum. Wanneer u aan de beurt bent, wordt u in uw bed naar de operatieafdeling gereden. 

De operatie

Het aangetaste kniegewricht wordt ver­vangen door een knieprothese. De prothese bestaat uit metalen delen, die aan de onderkant van het bovenbeen en aan de bovenzijde van het scheenbeen worden vastgezet. Op het metalen deel dat op het onder­been vast komt te zitten, zit een plastic schijf. Deze zorgt ervoor dat de kunstknie soepel scharniert.

Om bij het kniegewricht te kunnen komen maakt de ortho­pedisch chirurg een verticale snee van ongeveer twintig centimeter over de voorkant van de knie. Hierna wordt het kniegewricht verwijderd. Het overgebleven bot wordt aangepast aan de vorm van de prothese, zodat een goede verankering mogelijk is. Vervolgens wordt de prothese, met of zonder botcement vastgezet.

De operatie duurt ongeveer een uur. 

Direct na de operatie

Na de operatie gaat u naar de uitslaapkamer (verkoever­kamer). De verpleeg­kundige van de uitslaapkamer belt uw contactpersoon om te vertellen hoe de operatie is verlopen. Als u weer goed wakker bent, gaat u terug naar de verpleeg­afdeling. Een afdelingsverpleegkundige geeft door aan uw contactpersoon dat u weer op uw kamer bent.

Regelmatig worden uw bloeddruk, polsslag, temperatuur, ademhaling en bewustzijn gecontroleerd. Ook houdt men de operatiewond goed in de gaten.

De eerste paar dagen krijgt u pijnstillers in tabletvorm, tenzij anders is afgesproken met de anesthesioloog.

Tegen de misselijkheid krijgt u medicijnen op de operatie­afdeling en zo nodig later op de verpleegafdeling.

Na de operatie krijgt u een ijspakking op de operatiewond. Hiermee wordt voorkomen dat de wond gaat zwellen en bovendien voelt het prettig aan.

Via een infuus in uw arm krijgt u vocht toegediend, een antibioticum, eventuele andere medicijnen en zo nodig bloed.

De eerste dagen na de operatie

De eerste dag na de operatie hebt u bij uw lichamelijke verzorging nog hulp nodig van een verpleegkundige. Het is echter de bedoeling dat u zo snel moge­lijk weer dingen zelf gaat doen.

De dag na de operatie wordt het verband verwijderd. De wond is gehecht met nietjes. Deze moeten drie weken blijven zitten. De nietjes worden verwijderd tijdens uw controleafspraak op de polikliniek Orthopedie. Er wordt bloed bij u afgenomen om te kijken of het goed is van samenstelling en of u misschien bloedarmoede hebt.

De eerste dag na de operatie wordt op de röntgenafde­ling een con­trolefoto van uw knie gemaakt.

Revalidatie

Zo snel mogelijk start u onder begeleiding van een fysiothe­rapeut met loop­training. Als u weer naar huis gaat, is het de bedoeling dat u met krukken kunt lopen (tenzij de fysiotherapeut iets anders met u heeft afgesproken). Als u thuis een trap hebt, leert u ook traplopen. Tijdens de looptraining kunt u het beste makkelijk zittende kleding en stevige schoenen aan te hebben.

Naar huis

Een opname vanwege een knieoperatie duurt ongeveer drie dagen. Wanneer u het ziekenhuis verlaat, kunt u zichzelf meestal weer helemaal verzorgen. Alleen bij het wassen van uw voeten en het aan- en uittrekken van uw broek, sokken of kousen hebt u misschien nog hulp nodig. Het is mogelijk dat u langzamer herstelt dan verwacht. In dat geval wordt een passende regeling worden getroffen.

Fysiotherapie

Voor uw vertrek uit het ziekenhuis wordt met u besproken of u nog fysio­therapie nodig hebt.

Medicijnen

Voordat u naar huis gaat, neemt een verpleegkundige nog een paar praktische zaken met u door, zoals de medicijnen die u moet gebruiken. Medicijnen (waaronder bloedverdunners) en verbandmiddelen kunt u ophalen bij de Wilhelmina Apotheek (in de hal van het ziekenhuis).

Transferverpleegkundige

Zo nodig komt er tijdens uw opname een transferverpleegkundige bij u langs. Deze kan na uw ontslag uit het ziekenhuis hulp regelen bij u thuis of een tijde­lijke opname op de revalidatieafdeling van een verpleeghuis.

Waar u thuis op moet letten

Resultaat van de operatie

Met de nieuwe knie zult u minder pijn hebben dan voor de operatie en zult u veel beter kunnen lopen. De eerste maanden is uw knie nog gevoelig, maar dat neemt geleidelijk af. Wel kunt u wat last houden van stijfheid, aangezien de spieren en het kapsel rond de knie zijn gekrom­pen. Na de revalidatieperiode kunt u de knie meestal 110 tot 120 graden buigen.

Complicaties

Ook al wordt de operatie goed uitgevoerd, er kunnen toch complicaties optreden:

  • Rond de knieprothese kan een infectie ontstaan, ook langere tijd na de operatie. Als er op een andere plek in het lichaam een infectie is, kunnen bacteriën via de bloedbaan bij de prothese komen, waardoor de prothese ontstoken raakt. Om die reden is het belangrijk dat u uw huisarts, specialist en tandarts vertelt dat u een knieprothese hebt, als er een ingreep moet plaatsvinden. Bij bepaalde ingrepen is het namelijk van belang dat u van tevoren antibiotica krijgt om een infectie te voorkomen.
  • Heel soms treedt na een operatie een nabloeding op.
  • Om te voorkomen dat u trombose krijgt of longembolie, moet u na de operatie zes weken lang bloedverdunners gebruiken.

De gemiddelde levensduur van een knieprothese is tien tot twintig jaar. Wanneer de prothese is versleten, is het meest­al mogelijk een nieuwe knieprothese te plaatsen.

Uw huisarts waarschuwen

Het is belangrijk om contact op te nemen met uw huisarts:

  • als u koorts krijgt;
  • als het wondgebied rood en gezwollen blijft;
  • als uw knie steeds meer pijn gaat doen.

Controle

Na drie weken komt u voor controle bij de orthope­disch chirurg, tenzij anders is afgesproken. Deze bespreekt met u hoe het gaat sinds de operatie en laat een foto maken van uw nieuwe knie. Ook worden de hechtingen verwijderd. Tijdens uw tweede controlebezoek wordt een röntgenfoto gemaakt van uw nieuwe knie.

Adviezen

  • Hoe moet ik mijn wond verzorgen?
  • De huid rondom de hechtingen ziet er de eerste twee weken wat geïrriteerd uit. Na het verwijderen van de hechtingen wordt dat minder. Als het wondgebied rood blijft, erg gezwollen is of er komt vocht uit, kunt u het beste contact opnemen met uw huisarts.
  • Hoe lang moet ik bloedverdunners gebruiken?
  • De eerste zes weken na de operatie moet u een bloedverdunner gebruiken om trombose of longembolie te voorkomen. Mocht dat in uw geval anders zijn, dan hoort u dit tijdens uw opname van de orthopedisch chirurg.
  • Wanneer mag ik weer douchen of in bad?
  • Als de operatiewond goed geneest, kunt u meestal de vierde dag na de operatie (als de wond niet meer lekt) weer douchen. Om een bad te kunnen nemen, moet de operatiewond helemaal droog zijn en de hechtingen zijn verwijderd.
  • Hoe moet ik lopen?
  • U loopt op de manier die u door de fysiotherapeut is geleerd.
  • Hoe lang blijft mijn knie pijnlijk?
  • De eerste weken na de operatie hebt u nog wel wat pijn aan uw nieuwe knie. Dit is normaal. De pijn wordt vanzelf minder en na een maand of drie zult u weinig last meer hebben. Het eerste jaar kunt u nog wel pijn hebben als u bijvoorbeeld een lange wandeling hebt gemaakt. Ook kunt u een tijdje last houden van een pijnlijk gevoel als u net bent opgestaan.
  • Hoe lang blijft mijn been dik?
  • Uw been wordt in de loop van de eerste zes tot acht weken geleidelijk aan minder dik. 's Avonds is uw been meestal het dikst. Om de zwelling te verminderen, is het verstandig om 's morgens en 's avonds een uur lang met uw benen omhoog te zitten. Ook is het belangrijk dat u regelmatig de oefeningen doet die u van de fysiotherapeut hebt geleerd.
  • Hoe vaak moet ik oefenen?
  • Tijdens uw opname bespreekt de fysiotherapeut met u hoe vaak u moet oefenen.
  • Hoe lang moet ik op krukken lopen?
  • De eerste zes weken na de operatie moet u op twee krukken lopen. Daarna moet u nog zes weken met één kruk lopen, aan uw niet-geopereerde kant (tenzij de orthopedisch chirurg iets anders met u heeft afgesproken).
  • Hoe moet ik in bed liggen?
  • Als u op uw rug slaapt, moet u géén kussen onder uw knie leggen. Als u op uw zij ligt (op de niet-geopereerde kant) moet u de eerste twee weken na de operatie een kussen tussen uw benen leggen.
  • Wanneer mag ik autorijden?
  • Als u weer voldoende controle hebt over uw geopereerde been, kunt u in principe na zes weken weer autorijden. Overleg met uw orthopedisch chirurg wat in uw geval mogelijk is.
  • Wanneer mag ik fietsen?
  • Als u voor de operatie regelmatig fietste, kunt u hiermee acht tot twaalf weken na de operatie weer beginnen. Vanwege de lage instap is een damesfiets handiger dan een herenfiets.
  • Wanneer mag ik weer zwemmen of andere sporten doen?
  • Na een week of zes mag u weer zwemmen. Als u andere sporten wilt gaan doen, overleg dan eerst met uw huisarts, orthopedisch chirurg of fysiotherapeut.
  • Wat voor schoenen kan ik het beste dragen?
  • U kunt het beste stevige schoenen dragen die een brede hak hebben. Schoenen met hoge hakken en slippers zijn de eerste drie maanden na de operatie ongeschikt.
  • Welke bewegingen mag ik niet maken?
  • Het is belangrijk dat u geen springbewegingen maakt. Door te springen zou de knie namelijk te veel worden belast.

 

Vragen?

Als u vragen hebt over bovenstaande adviezen, kunt u bellen naar de chirurgische verpleegafdeling A2, telefoonnummer (0592) 32 55 25 / 32 55 27 of naar de polikliniek Orthopedie, telefoonnummer (0592) 32 52 45. U kunt ook contact opnemen met een medewerker van de polikliniek Fysiotherapie, telefoonnummer (0592) 32 53 10.

 

 

Uw mening telt

Een compliment, tip of klacht

Wij vinden het belangrijk dat u tevreden bent over onze zorg en dienstverlening. Hebt u een compliment, een tip of een klacht? Wij horen het graag. U kunt het volgende doen:

  • Vertel het direct aan degene die er verantwoordelijk voor is.
  • Bel of schrijf onze ombudsfunctionaris.
  • Vul het formulier in dat u kunt vinden op de webpagina Uw mening telt! Hier vindt u ook meer informatie over de klachtenprocedure en uw rechten als patiënt.

De ombudsfunctionaris

  • e-mail: ombudsfunctionaris@wza.nl
  • telefoon: (0592) 32 56 24/32 55 55 (maandag t/m donderdag)
  • postadres: WZA t.a.v. de ombudsfunctionaris, postbus 30.001, 9400 RA Assen

 

ortho02 - maart 2018