Hartkatheterisatie (CAG)

Onderzoek van kransslagaders

  • Specialisme of afdeling Cardiologie
  • Openingstijden
    Maandag t/m vrijdag van 8.30 tot 16.30 uur
  • Wachttijd
    2 weken

In het kort

Enkele dagen en uren voor een hartkatheterisatie moet u soms uw medicijngebruik en uw eten en drinken aanpassen. Tijdens het onderzoek krijgt u contrastvloeistof in uw kransslagaders, waarna er röntgenopnamen worden gemaakt. Na het onderzoek gaat u naar de verpleegafdeling Cardiologie. Meestal kunt u na ongeveer zes uur naar huis. Soms is het beter om een nacht in het ziekenhuis te blijven. De eerste dagen moet u rustig aan doen.

Wat is het?

De cardioloog kan met een hartkatheterisatie zien of er vernauwingen in uw kransslagaders zitten. Dit zijn de slagaders die om het hart heen liggen en het hart van zuurstof voorzien. Eerst prikt de cardioloog een slagader aan in uw pols of lies, brengt vervolgens op die plek een katheter in (een heel dun slangetje) en schuift deze door tot aan de kransslagaders. Met een röntgencamera worden opnamen gemaakt. De opnamen zijn te zien op een monitor.

Van tevoren overlegt de cardioloog met u of de katheter via de lies of de pols wordt ingebracht.

Contact opnemen

Neem contact op met de polikliniek Cardiologie als in de periode tussen het maken van de afspraak en de dag van de hartkatheterisatie sprake is van een van de volgende situaties:

  • U hebt last van braken, diarree, hoesten of koorts.
  • Er wordt radiologisch onderzoek bij u gedaan met (jodiumhoudend) contrast.
  • Er zijn wijzigingen in uw medicijngebruik.
  • U wordt onverwacht opgenomen in het ziekenhuis.

Voorbereiding

Onderzoek vooraf

Enige tijd voorafgaand aan een hartkatheterisatie wordt uw bloed onderzocht. Vaak wordt er ook een röntgenfoto van uw hart en longen gemaakt en een echo van het hart.

Thuis

Medicijnen

Vanaf enkele dagen vóór tot en met enkele dagen na de hartkatheterisatie kan het zijn dat u (gedeeltelijk) moet stoppen met bepaalde medicijnen. Als u bloedverdunners gebruikt, moet u daar soms ook tijdelijk mee stoppen. Hebt u diabetes (suikerziekte), dan kan het nodig zijn dat u uw medicijngebruik tijdelijk aanpast.

Drinken

De dag voor het onderzoek moet u ongeveer 1,5 tot 2 liter drinken. Als u een vochtbeperking heeft, drink dan zoveel als mag.

Eten

Op de dag van de hartkatheterisatie mag u een licht ontbijt/lichte lunch gebruiken tot 2 uur voor het onderzoek (2 beschuiten of crackers met jam en 1 kop thee).

Wat neemt u mee

  • uw patiëntenpas, verzekeringsbewijs en identiteitsbewijs (identiteitskaart, paspoort of rijbewijs)
  • alle medicijnen die u gebruikt
  • strips voor glucosemeting, glucosemeter en insulinepen, als u diabetes hebt
  • een medicijnoverzicht (eventueel op te vragen bij uw apotheek)
  • toiletspullen, een pyjama
  • uw persoonlijke informatiefolder, die u krijgt op de polikliniek Cardiologie

Opname

Waar meldt u zich?

Als u bloedverdunners gebruikt waarvoor u onder controle staat bij de Trombosedienst of waarvoor u zelfcontrole doet, gaat u op de dag van de hartkatheterisatie eerst naar het laboratorium om bloed te laten prikken. Daarna gaat u naar verpleegafdeling C2. In andere gevallen kunt u meteen naar afdeling C2 gaan.

Op afdeling C2

Eerst hebt u een opnamegesprek met een verpleegkundige.

Daarna worden uw bloeddruk en temperatuur gemeten en er wordt een infuusnaaldje ingebracht. Zo nodig krijgt u meteen een infuus om schade aan uw nieren te voorkomen. Het infuus moet één uur lopen voordat de hartkatheterisatie kan beginnen. Soms is het nodig om de huid te scheren op de plek waar de katheter wordt ingebracht.

Vlak voor het onderzoek krijgt u een rustgevend medicijn (géén slaapmiddel).

Het onderzoek

De hartkatheterisatie vindt plaats op de afdeling Radiologie. Een cardioloog doet het onderzoek samen met een gespecialiseerd team van assistenten.

Tijdens het onderzoek ligt u op een vrij smalle en harde onderzoektafel. U moet zo plat en stil mogelijk liggen. U houdt uw armen boven uw hoofd.

Verdoving

U krijgt een steriele doek over u heen. Vervolgens krijgt u een verdoving op de plek waar de katheter wordt ingebracht. Dit kan even pijn doen. Soms lukt het niet om de katheter in te brengen op de afgesproken plek (uw pols of lies). De cardioloog kiest dan een andere slagader.

Na de verdoving komt er eerst een dun buisje in de slagader. Via het buisje gaat de katheter naar binnen. De katheter wordt doorgeschoven tot aan de kransslagaders. Omdat de binnenkant van de slagader ongevoelig is, merkt u hier bijna  niets van.

Contrastvloeistof

Als de katheter bij de kransslagers is aangekomen, wordt er via de katheter contrastvloeistof in de kransslagaders gespoten. De contrastvloeistof zorgt ervoor dat de kransslagaders op de röntgenopnamen goed te zien zijn. Daarna kunt u even een warm gevoel hebben, pijn op de borst en een gevoel van misselijkheid.

Röntgencamera

Tijdens het onderzoek draait er een röntgencamera om u heen om vanuit verschillende hoeken opnamen te maken. De cardioloog kan hiermee precies zien hoe de kransslagaders rond uw hart lopen en waar eventuele afwijkingen zitten.

Controle bloeddruk en hartslag

Uw bloeddruk en hartslag worden voortdurend in de gaten gehouden.

Duur van het onderzoek

Het onderzoek, met voorbereiding, duurt ongeveer drie kwartier.

De uitslag

Aan het eind van het onderzoek bespreekt de cardioloog de voorlopige uitslag met u. Voor de definitieve uitslag heeft de cardioloog in sommige gevalle overleg met cardiologen of hartchirurgen van een ander ziekenhuis. Na ongeveer een week hebt u weer een afspraak met de cardioloog. U krijgt dan de definitieve uitslag en de cardioloog overlegt met u wat in uw geval de beste behandeling is. 

Verschillende behandelmogelijkheden

Afhankelijk van uw klachten en de uitkomsten van de hartkatheterisatie zijn er verschillende behandelingen mogelijk: medicijnen, een dotterbehandeling, een omleidingsoperatie of een combinatie van. Soms is eerst nog verder onderzoek nodig, voordat duidelijk is wat de beste behandeling is.

Direct dotteren

Als blijkt dat in een van de kransslagaders een ernstige vernauwing zit, kan dat reden zijn om zo snel mogelijk te dotteren. Met een ballonnetje wordt dan geprobeerd de vernauwing in de kransslagader op te rekken, en als dat onvoldoende helpt, krijgt u een stent (een buisje van edelmetaal). Voor een dotterbehandeling gaat u met een ambulance naar het Scheperziekenhuis in Emmen. Meestal kunt u diezelfde dag ook weer terug naar het WZA. U blijft dan een nacht in het ziekenhuis.

Na het onderzoek

Na een katheterisatie via de pols wordt op de aanprikplek van de slagader een bandje aangelegd om het bloeden te stoppen. Na een katheterisatie via de lies wordt de aanprikplek een tijdje dichtgedrukt om het bloeden te stoppen, waarna u een drukverband krijgt.

Na afloop van het onderzoek gaat u weer naar verpleegafdeling C2. Daar maakt een verpleegkundige een hartfilmpje (ECG) en er worden controles gedaan van uw bloeddruk en hartslag.

U krijgt wat te eten en te drinken. Het is goed om veel te drinken, omdat u de contrastvloeistof dan sneller uitplast. Als u een vochtbeperking hebt, drinkt u zoveel als mag.

Als u een katheter via uw pols hebt gehad, blijft u het eerste uur in bed, maar u hoeft niet plat te liggen. Daarna mag u uit bed en krijgt u een mitella voor de arm waar u bent geprikt. Deze arm mag u de eerste 48 uur na de katheterisatie niet actief gebruiken.

Als de  katheter via de lies is ingebracht, moet u vier uur zo plat mogelijk op bed blijven liggen. Daarna mag het drukverband eraf en mag u wat weer rechtop zitten in bed. Na zes uur mag u uit bed.

Naar huis

Als alles normaal verloopt, mag u ongeveer zes uur na de hartkatheterisatie naar huis. Soms is het verstandiger om nog een nacht in het ziekenhuis te blijven, bijvoorbeeld als u alleen woont. Ook als u het prettiger vindt om pas de volgende dag naar huis te gaan, is dat altijd mogelijk. De beslissing om wel of niet een nacht te blijven, kunt u tot het laatste moment uitstellen. 

Waar u thuis op moet letten

Een hartkatheterisatie verloopt meestal zonder problemen. Soms zijn er kleine complicaties:

  • afwijkingen van het hartritme
  • overgevoeligheidsreactie op het contrastmiddel
  • kramp van de kransslagader (pijn op de borst)
  • bloeduitstorting op de plaats waar de katheters worden ingebracht, of een paar druppels bloedverlies

Hebt u aanhoudende jeuk, huiduitslag of andere niet-ernstige klachten die mogelijk te maken hebben met de hartkatheterisatie, neem dan contact op met de polikliniek Cardiologie, telefoonnummer (0592) 32 52 05.

Onmiddellijk contact opnemen

Bel onmiddellijk uw huisarts, de Spoedeisende Hulp (0592) 32 52 78) of 112 als:

  • er bloed uit de wond pompt of golft (dat kan betekenen dat u een slagaderlijke bloeding hebt; raak niet in paniek, maar druk met uw vingers de slagader dicht of laat dit doen door iemand anders) 
  • u plotseling een grote, blauwe zwelling krijgt op de plaats waar u bent geprikt
  • u plotseling erge pijn krijgt op de plaats waar u bent geprikt
  • u een koud of warm aanvoelende of verkleurende hand of voet krijgt
  • u pijn krijgt op uw borst of benauwdheidsklachten

Adviezen

Na een hartkatheterisatie via de lies

  • De eerste nacht kunt u beter niet alleen thuis zijn, omdat er een kleine kans is op een nabloeding.
  • Om te voorkomen dat het wondje op de plaats waar de katheter is ingebracht gaat bloeden, moet u het de eerste dagen na de hartkatheterisatie rustig aan doen. Op de dag van het onderzoek moet u uw ‘aangeprikte’ been zoveel mogelijk gestrekt houden. Ook moet u zo min mogelijk staan, lopen of traplopen. Als u toch trap moet lopen, zet dan eerst het goede been neer en trek vervolgens het ‘aangeprikte’ been bij.
  • De pleister kunt u de dag na het onderzoek weghalen. Maak de huid daarna schoon met water en zeep en droog deze voorzichtig af.
  • De dag na het onderzoek mag u weer douchen. Pas na drie dagen mag u in bad.
  • De eerste drie dagen na het onderzoek mag u niet autorijden of fietsen en geen zware dingen tillen. Als u moet hoesten, probeer dan met uw hand tegendruk te geven in de lies waar geprikt is.
  • Op de derde dag kunt u uw dagelijkse bezigheden meestal wel weer oppakken. Ook mag u dan weer vrijen.
  • Met sporten en zware lichamelijke inspanning moet u een week wachten.

Na een hartkatheterisatie via de pols

  • De eerste nacht kunt u beter niet alleen thuis zijn, omdat er een kleine kans is op een nabloeding.
  • Om te voorkomen dat het wondje op de plaats waar de katheter is ingebracht gaat bloeden, moet u het de eerste drie dagen na de ingreep rustig aan doen. Probeer uw arm aan de aangeprikte kant zoveel mogelijk te ontlasten. Houd uw arm de eerste 48 uur zo veel mogelijk in de mitella die u in het ziekenhuis heeft gekregen.
  • De pleister kunt u de dag na de het onderzoek weghalen. Maak de huid daarna schoon met water en zeep en droog deze voorzichtig af.
  • De dag na het onderzoek mag u weer douchen. Pas na drie dagen mag u in bad.
  • De eerste drie dagen na het onderzoek mag u geen zware dingen tillen en mag u niet te veel bewegen met uw ‘aangeprikte arm’. Ook mag u geen huishoudelijk werk doen, geen handen schudden en niet steunen op uw pols.
  • De eerste drie dagen na het onderzoek mag u niet autorijden of fietsen.
  • Op de derde dag kunt u uw dagelijkse bezigheden meestal wel weer oppakken. Ook mag u dan weer vrijen.
  • Met sporten en zware lichamelijke inspanning moet u een week wachten.

Medicijnen na de hartkatheterisatie

Soms moet u na de hartkatheterisatie andere medicijnen gebruiken dan ervoor. 

Uw mening telt

Een compliment, tip of klacht

Wij vinden het belangrijk dat u tevreden bent over onze zorg en dienstverlening. Hebt u een compliment, een tip of een klacht? Wij horen het graag. U kunt het volgende doen:

  • Vertel het direct aan degene die er verantwoordelijk voor is.
  • Bel of schrijf onze ombudsfunctionaris.
  • Vul het formulier in dat u kunt vinden op de webpagina Uw mening telt! Hier vindt u ook meer informatie over de klachtenprocedure en uw rechten als patiënt.

De ombudsfunctionaris

  • e-mail: ombudsfunctionaris@wza.nl
  • telefoon: (0592) 32 56 24/32 55 55 (maandag t/m donderdag)
  • postadres: WZA t.a.v. de ombudsfunctionaris, postbus 30.001, 9400 RA Assen